Defined by what lies underneath

Gedachten komen op en verdwijnen weer, soms plots, soms zeer langzaam. Al sinds vorig jaar stel ik me de vraag hoe dit verloop van gedachten er visueel zou kunnen uitzien en onderzoek ik op welke manier ik het ritme van gedachten kan vertalen naar prints. Dit jaar focuste ik me op de combinatie van weven en zeefdrukken. Weven werkt net als denken met elementen die opkomen en onderduiken. Ik kan via het weven zelf ondergronden creëren met een bepaalde structuur die een grote impact heeft op hoe de print er zal uitzien. De ondergrond zie je misschien niet meteen, maar hij is wel voelbaar bij de verandering van de zwarte lijnen.

Ik zie mijn textiele stukken als acteurs: ze kunnen een verhaal vertellen, een sfeer uitdrukken en hebben een transformeerbaar karakter – waardoor ze in verschillende omgevingen tot hun recht kunnen komen.

 

Thoughts come and go, sometimes suddenly, other times more slowly. Since last year, I have been asking myself how to visually depict the flowing of thoughts. I have investigated in what way the rhythm of thought can be transformed to print. This year, I have focused on the interrelation between weaving and screen printing. Weaving functions exactly like thinking, as elements come and go. Trough weaving, I can create a subsurface with a texture that allows me to impact what the prints look like. You might not be able to see the subsurface immediately, but you can sense where the black lines change.

I see my textile works as actors: they can tell a story, express a certain atmosphere and they have a transformative character, through which different surroundings can shine.

Photos by Tom Callemin, Michiel De Cleene and Rosaline Fiems